Tijdelijke versoepeling van de RVU-heffing

Tijdelijke versoepeling van de RVU-heffing

Met ingang van januari 2021 vindt er een versoepeling plaats van de RVU-heffing. In deze nieuwsbrief worden de belangrijkste zaken van de versoepeling weergegeven. 

Achtergrond

Het kabinetsbeleid is in principe gericht op de bevordering van de arbeidsparticipatie van ouderen. Om deze reden is de Regeling Vervroegd Uittreden (RVU) in het leven geroepen. Deze regeling moet voorkomen dat werkgevers hun oudere werknemers financieel helpen om eerder te kunnen stoppen met werken.   

Wanneer is sprake van de RVU?

De RVU is volgens de wet aanwezig indien een regeling op basis van objectieve voorwaarden en kenmerken tot doel heeft om de periode van een werknemer tot aan het pensioen te overbruggen, dan wel te voorzien in aanvullingen op een pensioenregeling. Als er sprake is van een RVU dan is naast de reguliere progressieve loonheffing die moet worden ingehouden op de uitkering(en) door de werkgever ook sprake van een eindheffing ter hoogte van 52% die je als werkgever verschuldigd bent.

Tijdelijke versoepeling RVU-heffing

Van 2021 tot en met 2025 betalen werkgevers geen heffing over de regelingen voor vervroegde uittreding mits wordt voldaan aan de hieronder genoemde voorwaarden. Daarmee wordt het voor  werkgevers mogelijk om met oudere werknemers afspraken te maken over eerder stoppen met werken, zonder dat daar een heffing over betaald moet worden.

De tijdelijke versoepeling van de RVU-heffing heeft als doel om de werknemers die overvallen zijn door de versnelde verhoging van de AOW-leeftijd en die niet in staat zijn gezond de AOW-leeftijd te bereiken de mogelijkheid te bieden om vervroegd uit dienst te treden.

Voorwaarden:

  • De uitkering start drie jaar of minder vóór de AOW-gerechtigde leeftijd van de werknemer.
  • De uitkering mag maximaal drie jaar duren.
  • De uitkering komt momenteel niet boven het drempelbedrag van € 1.767,- per maand.
  • De maximale vrijstelling bedraagt € 63.612,-.

De drempelvrijstelling is zo vorm gegeven, dat werkgevers straks een bedrag kunnen meegeven dat na loonbelasting en premie volksverzekeringen gelijk is aan een netto AOW-uitkering. Het eerdergenoemde bedrag van € 1.767,- is de gebruteerde waarde van een netto AOW-uitkering. De hoogte van de vrijstelling wordt jaarlijks bijgesteld aan de hand van wijzigingen in de hoogte van de AOW-uitkering, zodat de hoogte van de vrijstelling feitelijk gekoppeld blijft aan de netto AOW.

Indien een werkgever een bedrag boven de € 63.612 uitkeert aan een werknemer zal op het resterende bedrag wel de heffing van 52% verschuldigd worden aan de werkgever.

Let wel op! Je kunt als werkgever enkel gebruik maken van de versoepelingen van de RVU heffing als goed kan worden onderbouwd dat het beoogde doel van de versoepeling overeenkomt met de situatie in de praktijk.

Heb je nog vragen over de (toepassing van de) versoepelde RVU-regeling? Of wil je meer informatie over hoe je je werknemers duurzaam kunt laten werken tot het pensioen? Neem dan contact met ons op. Bel naar 040 255 33 77 of mail naar Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.